Auto-Miesse
Bostovo
Brossel
Bus & Car
Dasse
Desot
D'Heure Paul
FN
Imperia
Jonckheere
LAG
Maes
Minerva
Ragheno
Ruyschaert
Van Hool
Verleure-Dubois
Willems
In 1889 werd te Herstal de "Fabrique Nationale d'Armes de Guerre" opgericht met als doel het fabriceren van 150.000 Mauser-geweren voor de Belgische staat. Deze Belgische wapenfabrikant begeeft zich rond 1900 ook op het terrein van de automobielproductie.
Pas vanaf 1932 worden er ook autobussen gebouwd door FN. Het chassis van de FN 8-cilinder vrachtwagen wordt gebruikt als basis voor de eerste bussen. Tot begin jaren zestig levert FN aangepaste vrachtwagenchassis die door diverse carrosseriebouwers te lande verder omgebouwd tot autobus of touringcar.
Echt bekend als busbouwer is FN echter door zijn trolleybussen waarvan er in de loop der jaren meer dan 150 worden gebouwd en waarvan de meeste in en rond Luik worden ingezet. De elektrische aandrijving van de trolleybussen werd geleverd door A.C.E.C. uit Charleroi of C.E.B. uit Luik.
Het eerste model, de T32 was gebaseerd op de zijn Engelse voorganger, een Ransomes. Er werden er dertig geproduceerd en de T32's deden dienst op de Luikse lijnen van 1933 tot 1961. Vandaag zijn er nog twee overlevenden uit deze serie, de TULE 432 staat in het Natalis museum terwijl de TULE 425 zelfs nog rondritten verzorgd in het Engelse Sandtoft museum.
Vanaf 1936 tot 1938 werden er 48 trolleybussen van het type T36 geproduceerd. Een extra serie van vijftien aangepaste T36's werd besteld door de Tramway d'Anvers en kregen de opeenvolgende nummers 31 tot 45. Twaalf van hen bleven in dienst tot maart 1964 wanneer ze door dieselbussen werden vervangen. De 39 verdween eerder in 1961 uit het straatbeeld na een zwaar ongeval, de 32 en 40 zouden in 1963 verdwijnen.
Alle vijftien Antwerpse trolleybussen zouden uiteindelijk verschroot worden. In het Vlatam staat de als enige overgebleven T36 tentoongesteld. Het betreft de Luikse nummer 453 die in Antwerpse livrei werd gestoken en nu het oude Antwerpse nr 45 draagt.
Vanaf 1938 tot 1940 werden er 28 exemplaren van de T38 gebouwd. Deze trolleybussen hadden meer vervoerscapaciteit , 66 passagiers tegenover 60 passagiers voorheen. De motor was nog steeds een DCT305 van 550v/91A. Dit model zou tot 1969 in dienst blijven.
Na de tweede wereldoorlog werd in 1948 begonnen met de bouw van de T49. Hier werd uiteindelijk enkel het prototype van gebouwd dat wel nog verhuurd werd aan een exploitant maar niet in serieproductie ging. De laatste in serie gebouwde trolleybus werd de T54. Met een ACEC motor van 600V en een capaciteit van 100 passagiers werden er tussen 1954 en 1955 dertig exemplaren gebouwd. Eén ervan staat nog in het Luikse Natalis museum nadat het model in 1971 uit het straatbeeld verdween.
In 1957 probeerde FN het nog een laatste maal met de T57 maar deze poging leverde enkel een prototype op dat nooit in gebruik werd genomen. De opkomst van de dieselbus was dan al volop bezig en zo kwam er eind aan de productie van bussen bij FN.
bronnen:
Livre d'or de l'automobile et de la motocyclette (Royal Motor Union)
Website van FN Herstal.
Fernand Van De Plas
Albert-Jan van Kemenade
John Law