www.transportmuseum.be


Bussen alfabetisch


Auto-Miesse

Bostovo

Brossel

Bus & Car

Dasse

Desot

D'Heure Paul

FN

Imperia

Jonckheere

LAG

Maes

Minerva

Ragheno

Ruyschaert

Van Hool

Verleure-Dubois

Willems

Bejaard en Bewaard

Under construction
Hieronder komt de lijst met bewaard gebleven bussen van Jonckheere.
Klik op het jaartal om een afbeelding van de bus te bekijken.
in het Vlatam (Berchem)
1955 Brossel-Leyland A93 DAR
1957 Auto-Miesse Gardner
1966 Daf TB
1978 Leyland-LVB
in het MTUB (Woluwe)
1959 Brossel A98 DARV1
1962 Brossel A92 DARV Leyland
1969 Auto-Miesse VGX
1975 Magirus Deutz SH110
1977 Volvo B59-55S
Autoworld (Brussel)
1959 Auto-Miesse VG
Patrimoine Bus & Car (Casteau)
1965 Brossel-Leyland A91DAR
in het Musa (Amsterdam)
1968 Volvo B57-50
1974 Volvo B58-55 (ex ENHABO 114)
De Zigeuner (Diepenbeek)
1973 Volvo B58

Jonckheere 1881-2008

Het Belgische Jonckheere is een carrosseriebouwer met een rijk verleden. In 1881, nog voor er sprake was van de automobiel, startte Henri Jonckheere in het West-Vlaamse Beveren nabij Roeselare, met het bouwen van paarden- wagens en koetsen.
Daarmee is Jonckheere één van de oudste carrosseriebouwers van Europa. De eeuwwisseling ging samen met de opkomst van de automobiel. In 1902 bouwde Henri Jonckheere dan ook zijn eerste luxe-voiture. De toen nog houten koetswerken met hun typische stijl werden gebouwd op diverse beroemde chassis waaronder Minerva, Roll-Royce en FN.
In 1922 bouwde zoon en opvolger Joseph Jonckheere zijn eerste bus- carrosserie. Tot in de jaren dertig bleven automobielkoetswerken nog een groot deel van de productie uitmaken. Nadien werden de Europese markten overspoeld door de Amerikaanse massaproductie. Dat betekende de doodsteek voor de Belgische, nog ambachtelijke auto-industrie.
Joseph Jonckheere had het gevaar tijdig ingezien en de volledige activiteit reeds toegespitst op autobussen en touringcars. Hierin was Jonckheere dan ook de onbetwiste Belgische marktleider. En ook in het buitenland werd Jonckheere een gekende en vertrouwde naam. Een nieuwe wereldoorlog bracht echter opnieuw een onderbreking in de activiteit.
Na de tweede wereldoorlog was er een enorme behoefte aan voertuigen voor het wegtransport, waaronder natuurlijk heel wat bussen en touringcars. Jonckheere kon snel op alle nieuwe eisen inspelen. In de jaren zestig werd ook de productie gediversifieerd. Uit enkele afdelingen groeide uiteindelijk een aparte tak : Jonckheere Subcontracting. Ondertussen was reeds de derde generatie van de Jonckheere familie in het bedrijf actief.
In 1981, bij het honderdjarig bestaan draaide de busafdeling op volle toeren : wekelijks verlieten 8 à 10 voertuigen de fabrieken in Roeselare. Noodzakelijkerwijs werd de productie gestandaardiseerd, zonder echter de diverse specifieke eisen van de klantenkring uit het oog te verliezen. Het productengamma was intussen uitgegroeid tot touringcars, stads- en streekbussen, gelede bussen, maar ook verre-exportbussen en diverse speciale carrosserieën.
Eveneens in 1981 vierde Jonckheere zijn 100-jarig bestaan met een nieuwe touringcar met toepasselijke naam: de Jubilee. Opvolgers zoals de Deauville en de Mistral zouden nadien furore maken. In 1994 sloot Jonckheere zich aan bij de Berkhof Groep om vanaf 1998 in de VDL Groep verder uit te groeien. In 2003 werd de naam Jonckheere gewijzigd naar VDL Jonckheere.

bronnen:
Per autocar door de twintigste eeuw (Albert van Huizen)
Groep Waaslandia
Collectie van het Vlaamse tram- en autobusmuseum.
Website Jonckheere, met speciale dank
aan dhr. Johan Verscheure van VDL Jonckheere.


Fotogalerij - Jonckheere